Moerloos volk herkennen: zo voorkom je een verkeerde conclusie

Moerloos volk herkennen: zo voorkom je een verkeerde conclusie - HONINGBOERKE

De koningin niet zien is geen diagnose. Dat is een van de belangrijkste lessen bij het imkeren. Zeker in een groot volk kun je haar gemakkelijk missen.

Begin met de tijdlijn

Vraag eerst: wanneer zag je voor het laatst eitjes, jong broed of de koningin? Wat is er sindsdien gebeurd? Zonder tijdlijn wordt moercontrole al snel gokken.

Verse eitjes zijn sterk bewijs

Zie je één eitje per cel en een normaal patroon van heel jong broed, dan was er zeer recent een leggende moer aanwezig. Dat maakt eindeloos zoeken vaak overbodig.

Geen eitjes betekent niet automatisch moerloos

Een jonge koningin kan nog niet leggen. Een volk kan tijdelijk een legpauze hebben. Slecht weer, zwermgebeurtenissen en andere omstandigheden kunnen het beeld veranderen.

Redcellen geven context

Zie je nieuw aangezette koninginnencellen op jong broed nadat de moer verdwenen is, dan past dat bij een noodreactie. Maar ook hier geldt: lees de hele kast, niet één cel.

Gedrag is ondersteunend, geen bewijs op zichzelf

Een moerloos volk kan onrustiger klinken of lopen, maar gedrag varieert sterk. Gebruik het als extra signaal, niet als enige criterium.

Test met open broed

Wanneer je echt twijfelt en het past binnen je werkwijze, kan een raam met zeer jong open broed uit een gezond volk extra informatie geven: een werkelijk moerloos volk kan daarop redcellen aanzetten. Zorg wel dat je geen koningin mee overzet.

Onze les

Voer nooit zomaar een kostbare nieuwe koningin in omdat je de oude niet kon vinden. Stel eerst vast wat de werkelijke moerstatus is.

Lees ook hoe wij een nieuwe koningin invoeren.

← Naar het Honingboerke imkerboek

De koningin niet zien is geen bewijs

Een van de belangrijkste lessen uit onze eigen kasten: de koningin niet vinden betekent niet automatisch dat een volk moerloos is. Zeker in een groot volk kun je lang zoeken terwijl de moer gewoon tussen de bijen zit. Wij beginnen daarom liever bij het broedbeeld.

Verse eitjes zijn het sterkste signaal dat er zeer recent een leggende koningin aanwezig was. Jong open broed vertelt iets over de dagen daarvoor. Pas wanneer eitjes en jong broed ontbreken én de tijdlijn daarbij past, wordt moerloosheid waarschijnlijker. Redcellen kunnen dat beeld ondersteunen, maar ook daarbij telt timing.

Onze volgorde bij twijfel

  1. zoek naar eitjes;
  2. bekijk jong en gesloten broed;
  3. controleer op koninginnencellen;
  4. denk terug aan de vorige inspectie;
  5. pas daarna beslissen of ingrijpen nodig is.

Praktijktip: schrijf op wanneer je voor het laatst eitjes of de koningin zag. Een eenvoudige kastkaart voorkomt veel giswerk.

Als er werkelijk geen moer is, lees dan verder over redcellen en een nieuwe koningin invoeren.